Don't Mind Mie

All things on my mind

Categorie: Hersenspinsels

Eerst denken, dan doen? Blijkbaar makkelijker gezegd dan gedaan!

Zijn het mijn hormonen die opspelen? Ben ik moe -en bijgevolg prikkelbaar- van mijn eerste werkdag na een deugddoende vakantie? Zoek ik problemen die er niet zijn? Of heb ik een punt?

Ik laat het aan jou om te oordelen.

Er was eens…

In november 2015 verscheen mijn post “Bezint eer je begint of beter bedenkt eer je verzendt“. Ik schreef deze post naar aanleiding van een mail die ik van De Standaard mocht ontvangen. Hierin werd ik aangesproken als was ik een fiere ouder. Op zich geen probleem, ware het niet dat ik geen kinderen heb.

Met de post wou ik vragen om even stil te staan bij de impact die sommige boodschappen kunnen hebben. Zeker wanneer het het aanspreken van mensen betreft op basis van een ouder-kindrelatie, alsof deze bestaande is. In dergelijke gevallen even nadenken, lijkt mij geen overbodige luxe.

Helaas blijkt de post en de bijhorende vraag ook vandaag nog actueel.

Ik vond in mijn brievenbus immers een -ongetwijfeld goedbedoelde- moederdagwens van de plaatselijke CD&V.

Fijn en ongetwijfeld volledig los van enig electoraal belang in dit verkiezingsjaar (gelooft iemand dat? ;)) maar IK BEN GEEN MOEDER!

We zijn nu drie jaar na de vorige post. Ik ben ook drie jaar verder in mijn leven, net als mijn omgeving overigens en misschien ligt daar wel de reden waarom ik mij nu drukker maak dan vorige keer. Misschien triggert net dat mij om opnieuw in mijn pen te kruipen.

Hebben ze gedacht aan…

Ik heb in de omgeving vrouwen* zien wensen, hopen, vechten om mama te worden. Ik heb vrouwen zien huilen en breken bij alweer telleurstellend nieuws.  Vrouwen terug zien recht krabbelen – soms met hun laatste krachten- om toch opnieuw te trachten een wezentje op deze wereld te zetten, waar ze met heel hun hart voor kunnen zorgen.

In hun ogen zag je de pijn, als andere koppels vertelde dat ze wel heuglijk nieuws hadden.  Ik voelde hun verdriet toen in mei “die andere moederdag” gevierd werd in het land, maar niet bij hen.

Niemand die hen mama noemt, terwijl dat het liefste is wat ze willen.

Ik kan mij dan ook amper voorstellen hoe hard zo’n kaart moet aankomen. Ze drukt hen nog maar eens met de neus op de feiten dat zij deze feestdag niet mogen, kunnen vieren.

En dan zwijg ik nog over de mama’s wiens kind van hen werd weggerukt door ziekte, ongeval, … door het lot. Bij hen mist er iemand aan tafel die de woorden “fijne moederdag” uitspreekt en hen knuffelt, kust, verwent. Zij zouden er alles voor over hebben om die woorden opnieuw te horen… en dan vind je zo een kaart…

Misschien zoek ik teveel achter de wens, misschien zie ik problemen die er niet zijn. Maar ik herhaal graag nog eens mijn mijn vraag/oproep: denk a.u.b goed na alvorens men in bulk mensen spamt met goedbedoelde wensen! En als in navolging hiervan één vrouw niet gekwetst wordt, dan zijn we op goede weg.

 

*ik spreek in de post enkel over moeders maar wil hoegenaamd niet onderschatten wat de impact bij de papa’s is!

Find & follow Mie on social media

“Bezint eer je begint” of beter “bedenkt eer je verzendt”

Goed nieuws…ik heb een kind!

Dat is verschieten hé!

Ik begrijp dat dit nieuws een beetje onverwacht komt. Te meer omdat ik in geen enkele blogpost met een woord over een zwangerschap gerept heb.

Vreemd genoeg komt het nieuws ook voor mezelf als een donderslag bij heldere hemel.

Verhalen van vrouwen die niet wisten dat ze zwanger waren, komen wel vaker voor. Hoewel ik geen concrete cijfers heb, zou ik gelet op de drie seizoenen ‘I didn’t know I was pregnant’ durven zeggen dat dergelijke situaties niet zo uitzonderlijk zijn.

Ook verhalen van mannen die niet weten dat zij zij ergens een kind verwekt hebben, omdat de vrouw in kwestie hen in het ongewisse liet, zijn gekend. Ze zijn zelfs voer voor menig plot of scenario in de film- en televisie-industrie.

Maar vrouwen die niet weten dat ze een kind gebaard hebben… daar had ik nog nooit van gehoord. Je zou denken dat een vrouw zich wel een bevalling kan herinneren. Elk bevallingsverhaal, of het hele gebeuren nu gesmeerd liep dan wel een horrorfilm waardig was, heeft als rode draad de helse pijn die de vrouw tijdens de arbeid ervaart. Maar nee, ik kan mij met de beste wil van de wereld niet herinneren dat ik een nakomeling op deze wereld gezet heb.

Gelukkig kan een mens nog rekenen op “De Standaard”, een krant die al jaren als dé kwaliteitskrant van België gepercipieerd wordt. Het is dan ook deze krant die mij, per mail, het heuglijke nieuws meedeelde.

Hun slogan luidt dan wel “verwacht het onverwachte”, het nieuws dat ik een kind heb, is wel het laatste wat ik verwachtte toen ik hun mail vanavond opende.

Na een persoonlijke aanspreking las ik echter volgende, niet mis te verstane boodschap:

Knipsel2

Ik heb de tekst ondertussen al ontelbare keren herlezen maar de conclusie blijft dezelfde: ik heb een kind!

Nu, genoeg “onnozelheid”…

Bovenstaand doet het misschien niet vermoeden, maar eigenlijk stoort deze mail mij wel. Of misschien is het juister om te stellen dat deze mail vragen oproept.

Dat ik mails van de bovengenoemde krant ontvang, heb ik waarschijnlijk enkel aan mezelf te danken. Ik veronderstel dat ik in een ogenblik van onoplettendheid ooit heb aangegeven (door een vak aan te kruisen of juist niet af te vinken) dat de krant mij mails mag sturen. Dat kan ik dan ook niemand anders verwijten dan mezelf en daar ligt dan ook niet de kern van het probleem.

Dat de krant zijn lezers de kans wil geven om te testen welk type ouder ze zijn, vind ik hoegenaamd geen probleem. En hoewel de test mij vooral zinnig lijkt als je effectief kinderen hebt, stoort het mij geenszins dat ook kinderloze mensen kunnen deelnemen. (Want wie ben ik om te zeggen of iemand dergelijke pseudo-wetenschappelijke test mag doen of niet)

Maar het persoonlijk aanspreken van mensen en ze vervolgens behandelen alsof ze effectief een kind hebben, gaat mij een brug te ver.

Heeft de afzender zich überhaupt afgevraagd hoe deze mail overkomt bij mensen die, om welke reden dan ook, een onvervulde kinderwens hebben?

Ik wil hier hoegenaamd van een mug geen olifant maken. Sommige mensen zullen er misschien niet bij stilgestaan hebben toen ze dergelijke mail kregen, maar ik hoef niet veel moeite te doen om mij volgende situatie voor te stellen:

Een man en een vrouw trachten met alle middelen die de moderne geneeskunde heeft een kind te krijgen. Tijdens dit ongetwijfelde emotionele proces, waarbij emoties vaak (met dank aan hormonen) enorm uitvergroot worden, krijgt een van beide plots bovenstaande mail waarin zij gefeliciteerd worden omdat zij er alvast in geslaagd zijn een kind op deze wereld te zetten. En hoewel dat het liefste is wat zij willen, is het tegendeel waar.

Wel, ik durf te vermoeden dat deze mensen niet gediend zijn met dergelijke inhoud. Meer zelf, dat zij enorm aanstoot kunnen nemen aan dergelijke mail.

Ik besef dat de doelgroep die geen problemen heeft met de stijl van de mail in kwestie groter is dan de groep die er mogelijks wel moeite mee heeft. Toch lijkt het mij niet te veel gevraagd dat een bedrijf waarvan communicatie een kerntaken is, omzichtig te werk gaat bij zijn eigen communicatie.

En als dit gebeurt, zijn we weer een stap dichter bij een ideale wereld. 🙂

Find & follow Mie on social media

De vluchtelingen van de herfst

Herfst

De herfst is al enkele dagen officieel aangebroken, al lijkt het weer dat momenteel nog niet te beseffen. Pas op, mij hoor je niet klagen. Maar eigenlijk klaag ik sowieso niet veel. Toch niet wat het weer betreft… Enkel als het te warm is. Of te koud. Of te nat.  Alleen te droog is voor mij geen issue, maar ik ben voor mijn inkomsten dan ook niet afhankelijk van  de opbrengst van een stuk land. Uit solidariteit, en omdat ik tegen discriminatie ben, ook die van weersomstandigheden, klaag ik daar zo nu en dan ook eens over.

Maar nu serieus, ik vind elk seizoen wel zijn charmes hebben. De bloemen aan de bomen in de lente, de heerlijke geur na een plensbui of de geur van vers gemaaid gras in de zomer, de prachtige sneeuwlandschappen in de winter en de variëteit van kleuren in de herfst. Uiteraard besef ik dat de charme van het seizoen ver te zoeken is voor de fietser die net in een enorme Belgische wolkbreuk verzeild geraakt is. Toch zou ik het Belgische weer niet onmiddellijk willen wisselen. Tenslotte geldt ook hier: “afwisseling van spijs doet eten.”

En hoewel het weer nog niet het toonbeeld van herfst is, merk je dat de dagen korter worden. Hier en daar probeert een bruin of rood blad reeds zijn collega’s aan de boom te overtuigen hun groene kleur te laten verdwijnen. Maar het herfstgevoel bekruipt mij  momenteel nog het meest wanneer  ik deze vluchtelingen op zoek naar onderdak weer ontmoet. Een verse lading. Plots zijn ze daar weer. Ze verstoppen zich in de hoek van de kamer of bespieden me vanuit de afvoer.

Indringers
Spin

Foto: https://icanhas.cheezburger.com/tag/lucas)

God wat haat ik spinnen. Ik pretendeer hoegenaamd niet dat ik het werk van Moeder Natuur (of wie je ook verantwoordelijk acht voor de schepping) beter had kunnen doen.  En kritiek geven is makkelijk. Je weet wel… de beste stuurlui staan aan wal.

Ik wil graag geloven dat die harige, achtpotige medebewoners nuttig zijn, maar ik zou het appreciëren moesten ze hun nuttigheid buitenshuis uitoefenen. Ik ken niet veel van verdedigingstechnieken maar naar mijn bescheiden mening bewaak je een paleis best vanop een veilige afstand. Dit om te voorkomen dat de vijand überhaupt binnenraakt. Dus moesten die kriebelbeesten hun verdedigingstaken nu eens uitoefenen op een veilige afstand van mijn paleisje, dat zou ik top vinden.

Hebben ze trouwens die acht poten nodig voor hun taken? Wat een grootheidswaanzin, als je t mij vraagt… Leer tevreden zijn met twee, of vier als het echt moet, maar acht, komaan zeg!

Ik besef dat mijn angst voor die dieren irrationeel is en weet dat het idee dat ze rond mij een cocon zullen weven slechts het resultaat is van een op hol geslagen fantasie. Ik ben honderden keren groter … en heter. (En nee, ik probeer mezelf niet te bestoefen. Feit is nu eenmaal dat spinnen koudbloedig zijn en mensen niet, tenzij figuurlijk.)

En toch, wanneer ik er eentje spot, wordt in mijn hoofd de paniekknop geactiveerd. Het gezonde verstand wordt door een blinde paniek gegijzeld en als  losgeld wordt de dood, of op z’n minst de verwijdering, van het dier geëist. (Ik wil mij bij deze al excuseren bij Gaia.)

Dus moest er iemand tips hebben om deze angst onder controle te krijgen, laat maar komen. Tot die tijd probeer ik elke (herfst)dag opnieuw vredesonderhandelingen op te starten met de dieren. Maar vijanden krijg je nu eenmaal niet van de ene op de andere dag verzoend. Ik ben nochtans niet veeleisend. Dat ze gewoon uit mijn huis blijven.

Vogels

En nu ik toch bezig ben…

De natuur is een groots en indrukwekkend meesterwerk. Eén kleine foutje daarin valt dus wel door de vingers te zien. Het is tenslotte, naar ik weet, de eerste keer iemand een aarde geschapen werd en elk van ons weet dat alle begin moeilijk is, enkel oefening baart kunst. Helaas ben ik op een tweede punt van kritiek gestoten.

Vogels.

Velen zijn er jaloers op, ze kunnen namelijk vliegen. Maar net daarin schuilt wat mij betreft een deel van het probleem. Ik wacht nog steeds op een zinnige antwoord op de vraag: “waarom kan een dier dat geen sluitspier heeft vliegen?”.

Ik wil aannemen dat het nagenoeg onmogelijk is om met je vleugels te flapperen en tegelijk druk te zetten. Maar dat is nu net het punt. Het hebben van een sluitspier had de beesten verplicht te landen. Gedaan met luchtaanvallen op mensen, auto’s en gebouwen. Gewoon netjes ergens op de tak van een boom.

Vogel

(foto: pintrest.com)

Helaas ziet het er naar uit dat ik sneller van mijn spinnenfobie verlost raak dan dat vogels evolueren naar dieren met een sluitspier.

Find & follow Mie on social media

Ray? No way!

Het is maandag. Voor vele mensen betekent dit weer de start van een nieuwe werk- of schoolweek.  En zo ook voor mij.

Ik ben voor mijn job behoorlijk veel op de baan. Zo pendel ik vaak tussen verschillende vestigingen van mijn werkgever en dit naar verschillende uithoeken van het land. Behalve naar Limburg…

Niet dat ik iets tegen Limburg heb, integendeel. Hoewel ik er nog niet vaak op ‘expeditie’ ben geweest, vond ik de reeds geëxploreerde delen – en dan spreek ik niet over Maasmechelen Village– erg aantrekkelijk. Ik ontdekte er immers al prachtige natuur in combinatie met hippe steden.

Toch zou het fijn zijn indien de lieve mensen daar iets sneller spreken. Te meer omdat ik zelf woorden spuw aan een verschroeiend hoog tempo, als een papegaai op speed en redbull. De discrepantie tussen de Limburgers, met hun prachtige zangerige zinnen, en  mijzelf is momenteel immens groot. Zoals Will Tura zong: “Het water is veel te diep”. Maar als zij en ik elk een stap in elkaars richting doen, dan ontmoeten we elkaar ergens middenin en spreken we beiden op een tempo waar de doorsnee mens niet geïrriteerd van raakt.  Ik doe bij deze alvast de belofte om mijn uiterste best  te doen…

Maar dat ter zijde, ik wou eigenlijk enkel de kanttekening maken dat ik niet met zekerheid kan zeggen dat wat volgt, ook op Limburgse wegen te beleven valt. Al heb ik het vermoeden van wel.

Deze ochtend vertrok ik, zoals zo vaak, richting werk. Na het oprijden van de autosnelweg werd ik al snel begroet door een vreemd figuur in een wit kostuum. Hij leunde iet wat nonchalant tegen een roze achtergrond.

We wisselden kort een blik. Die luttele seconden volstonden echter om te weten dat hij in de jaren ’80 was blijven hangen. Maar of mijn hersenen deze conclusie trokken omwille van zijn Freddy Mercury-achtige voorkomen , inclusief snor, dan wel door de ‘bling bling’ om zijn nek of omdat niemand de laatste 30 jaar nog een kostuumvest los over de beide schouders drapeert, weet ik niet.

De man in kwestie bleek Ray te heten en maande mij aan naar hem te luisteren. Hij vertrouwde mij toe dat niet te snel ‘dik oké’ is. Helaas nam mijn gevoel het over en de eerste ogenblikken na de confrontatie met Ray voelde ik voornamelijk de neiging om het gaspedaal iets dieper in te duwen.  Ik hoopte immers te kunnen vluchten van de koude rillingen die de mans blik mij bezorgde.

(foto: Vlaamse overheid)

Versta mij niet verkeerd, ik ben ongelofelijk fan van een stevige portie retro zo nu en dan.  Ik zie ook absoluut de noodzaak in van een campagne tegen te snel rijden, maar of Ray geslaagd is, daar durf ik aan twijfelen.

Toch hoop ik stiekem dat ik het ditmaal bij het verkeerde eind heb en dat Ray zijn werk doet. Ik gun hem alvast het voordeel van de twijfel. Elk jaar vallen er veel, te veel, verkeersslachtoffers. Dus als Ray ook maar één leven redt, vind ik hem ‘dik oké’.

Ondertussen weet ik nu dat Ray morgenochtend weer op mij zal staan wachten. Ik ben dus voorbereid op de confrontatie en zal vriendelijk zwaaien. Wie weet kan er op termijn zelfs een knipoog af. Toch zal ik stiekem hopen dat hij snel weer uit mijn leven verdwijnt, liefst omdat hij overbodig is geworden…

Find & follow Mie on social media

Old habbits die hard

De mogelijkheid bestaat dat je na het lezen van deze post denkt dat ik niet helemaal spoor, maar ik waag het erop en neem het risico dat ook jij vindt dat een beetje gek zijn wel oké is.

Persoonlijk vind ik dat iedereen recht heeft op zijn “afwijking” (of meer dan één, we kijken niet op eentje meer of minder 🙂 ). Mensen die mij kennen, hebben mij deze leuze waarschijnlijk al meer dan eens horen uitspreken.

Versta mij niet verkeerd, ik heb het over kleine gekheden of zoals ze in Antwerpen zeggen: “de hoek die eraf is”. Sommige afwijkingen die uitmonden in illegale of verderfelijke praktijken, zijn uiteraard niet goed te praten.

Maar voor deze post doorslaat naar een diep filosofische tekst, terug naar wat ik eigenlijk wil vertellen: “Mijn naam is Mie en ik geef namen…aan nutsvoorwerpen”.*

Al van in mijn kindertijd

Als kind al gaf ik al mijn knuffels en speelgoedfiguurtjes een naam. En dan bedoel ik ook wel echt allemaal. Alle playmobilfiguurtjes werden één voor één, als was ik een ambtenaar van de burgerlijke stad, gelabeld met een naamstickertje op hun rug. Hetzelfde procedé vond plaats voor de ‘my little pony’s’.

Ook elke knuffeldier waarvan ik “knuffelmama” werd, kreeg zijn eigen, passende naam. Zo noemde ik mijn twee clowns toepasselijk “de clo’kes” . Niet echt onmiddellijk een toonbeeld van geniale naamgeving, maar hé, ik was ook maar een kind.

Ik ben die kindertijd ondertussen al ver voorbij. Toch moet ik opbiechten dat ik het geven van namen nooit helemaal heb afgeleerd. Het gebeurt alleen niet meer op dezelfde omvangrijke schaal als voorheen. Daarenboven ben ik geëvolueerd van knuffels en speelgoed naar huishoudtoestellen en de plant.

Het blijkt gewoon sterker dan mezelf te zijn. Toen ik van mijn zus een ficus kreeg, werd deze Vic gedoopt. Mijn robotstofzuiger van het merk Neato kreeg de naam Netty mee en onze koffiezet… Melody.

Uiteraard begrijp je onmiddellijk vanwaar mijn uitermate vindingrijke geest Vic en Netty haalde, maar Melody vraagt toelichting. Maar maak je geen illusies, het is jammer genoeg geen geniale uitspatting geweest. Er zit al evenmin een diepe, onderliggende betekenis achter. Het ding produceert helaas geen prachtige muziek of hemelse melodieën bij het maken van een tas koffie. Het is gewoon de naam van het model en dit stond in gigantische letters  op de doos.

Onder het mom: “als je bezig bent, moet je bezig blijven”, kan ik  maar beter volledig open kaart spelen.

Ook wanneer een toestel geen naam heeft, knoop ik er soms een gesprek mee aan. Al is een gesprek misschien wat overdreven. Blijkt de computer niet te functioneren naar behoren, dan moedig ik hem aan. Werkt de zapper niet, dan spreek ik hem berispend toe. De voorbeelden zijn eindeloos.

Niet zonder gevaar

En hoewel dit allemaal onschuldig is, wil ik toch iedereen waarschuwen.

Wanneer je een verwijt naar een toestel slingert, zorg er dan om de liefde Gods voor dat er niemand maar dan ook echt niemand (en al zeker je schoonmoeder niet) kan denken dat je het tegen hem of haar hebt….

Zoals je uit de vorige post kon afleiden, heb ik erg veel geluk met mijn schoonouders.** Toen ik echter vorig jaar samen met mijn schoonmoeder in de keuken stond, raakte ik geïrriteerd door mijn oven. Die bleef immers onophoudelijk piepen om aan te geven dat hij op temperatuur was terwijl ik nog niet klaar was met mijn bereiding. Toen ik zelf mijn kookpunt bereikte, gaf ik de oven met de gevleugelde woorden “stop met zagen” een veeg uit de pan. Helaas, op dat ogenblik besloot mijn schoonmoeder nog een laatste keukentip te geven.

Het leek dan ook of ik bovenstaand bevel naar haar hoofd slingerde. Sneller dan mijn eigen schaduw probeerde ik de situatie te verduidelijken om mij nadien te verliezen in excuses.

Ik heb toch nog enige tijd verveeld gezeten met de situatie maar mijn schoonmoeder, schoonvader en vriend die vonden het vooral hilarisch.

Sinds die dag probeer ik, ondanks dit happy end, wat meer te denken voor ik praat, al is de weg nog lang en ken ik regelmatig een terugval

*Gelukkig blijk ik niet alleen te zijn en er is een goede uitleg voor. Dit lees je o.a. Amayzine en op Famme

**Voor alle duidelijkheid, mijn vriend heeft ook veel geluk met zijn schoonouders, al zeg ik het zelf 🙂

Find & follow Mie on social media

© 2019 Don't Mind Mie

Thema gemaakt door Anders NorenBoven ↑